Duurzaam of verantwoord ondernemen maakt een zichtbare ontwikkeling door op Curaçao. Daarbij is het milieu slechts een van de aspecten waarmee rekening wordt gehouden. In tegenstelling tot wat veel ondernemers denken, brengt duurzaam ondernemen geld op als je het verstandig aanpakt. Coaching duikt in de wereld van duurzaam ondernemerschap.
Bewustzijn levert besparing op
Volgens directeur Tim van den Brink van adviesbureau EcoVision is er een stijgende lijn in duurzaam ondernemerschap op Curaçao. Hij ziet drie redenen waarom ondernemers er toe overgaan om duurzaam te ondernemen. ‘Schending van je imago kan het einde van je ondernemerschap betekenen. Er is steeds meer druk vanuit de maatschappij om duurzaam te ondernemen. Het grote voorbeeld van hoe het goed mis kan gaan is Shell. Dit bedrijf is internationaal veroordeeld voor de manier waarop het met het milieu is omgesprongen. Dit speelde vooral in de jaren tachtig, toen het een oud olieboorplatform op de Atlantische Oceaan wilde afzinken. Dit werd door een breed publiek niet geaccepteerd en zij reageerde door hun product niet meer af te nemen.’
Een tweede reden is kostenbesparing, zegt Van den Brink. ‘Bij één van onze projecten waarbij we trainingen gaven zodat acht hotels in aanmerking konden komen voor een Green Globe onderscheiding, bleek alleen al de bewustwording van het personeel een energie- en waterbesparing van tien procent op te leveren. En de derde reden is dat we met zijn allen tegenwoordig veel bewuster omgaan met ons milieu omdat we dit belangrijk vinden, ook voor toekomstige generaties. We weten er nu ook meer van.’
Praktische tips
EcoVision heeft een reeks tips voor beginnende ondernemers of ondernemers die zich op Curaçao willen vestigen:
- Vraag alle benodigde vergunningen aan, zoals een Hinderwetvergunning.
- Breng de milieukosten goed in beeld. Kijk wat de kosten zijn van energie, water en afval en hoe je deze kunt beheersen. Let goed op het design en de bouw van het bedrijfspand, want daar is veel besparing mogelijk.
- Breng milieurisico’s in beeld. Daarbij spelen externe factoren een rol, zoals ‘is mijn terrein schoon, is de lucht schoon en is het fysieke klimaat goed voor mijn werknemers’. De interne factoren komen terug in vragen als ‘moet ik olietanks plaatsen en wat is het gevolg voor de omgeving’.
- Zoek contact met stakeholders, zoals omwonenden, consumenten, actiegroepen, leveranciers, afnemers, banken, etc. en breng hun wensen in beeld.
De volgende stap is het bewust werken aan een milieumanagementsysteem volgens een erkende norm zoals ISO 14001, Green Globe of Green Key. Door te kiezen voor dergelijke standaarden kun je aan de buitenwereld laten zien wat je prestatie is op het gebied van duurzaam ondernemen.
Normering als beloning
Duurzaam ondernemerschap kan worden beloond met een milieucertificaat. Zo zijn op Curaçao de overheidsbedrijven Aqualectra en Selikor in 2005 gecertificeerd conform de ISO 14001 standaard.
Als bedrijf moet je er aardig wat voor doen om voor een dergelijke norm in aanmerking te komen en hem ook te behouden. Ondernemers zijn daardoor soms bang om de stap te nemen tot implementatie en uiteindelijk de certificering. ‘Je moet erin investeren’, zegt van den Brink. ‘Het was vroeger ook veel moeilijker, maar de richtlijnen voor bijvoorbeeld ISO en Green Globe zijn nu praktischer dan voorheen en als ondernemer zie je er meteen het nut van in. Het is veel duidelijker zichtbaar waar je mee bezig bent. Je moet het zien als een manier om je ondernemerschap te kunnen laten excelleren. Als ondernemingen eenmaal een kwaliteitmanagementsysteem hebben geïmplementeerd (bijvoorbeeld volgens ISO 9001) dan is de stap naar een KAM systeem veel makkelijker te nemen. KAM staat voor kwaliteit, arbeidsomstandigheden en milieu.’
Green Globe, de kwaliteitsstandaard voor et hotelwezen, is ook aangepast. Was deze norm vroeger voor kleine hotels bijna niet haalbaar, tegenwoordig is hij aangepast aan de omvang van een hotel. ‘Ook kleine hotels kunnen nu door middel van een paar eenvoudige stappen naar een goed milieumana-gement systeem toewerken. De drempel is veel lager’, aldus van den Brink. Voor een hotel is het interessant om een milieucertificaat te halen, omdat het logo van de standaard (Green Globe, Green Key) gebruikt kan worden op de website en op de gevel van het hotel.
Dit kan bijdragen aan een betere bezetting door het aantrekken van milieubewuste toeristen. In de hotelsector kunnen het Papagayo Resort en Chogogo Resort worden gezien als bedrijven met oog voor duurzaam ondernemen. Het eerstgenoemde hotel heeft het zilveren niveau van de Green Key behaald en Chogogo heeft een ongeëvenaard laag energieverbruik (slechts 9,3 kilowattuur per gast per nacht), aldus van den Brink. Beide Resorts hebben bij de aanleg de lokale vegetatie grotendeels gerespecteerd en passen her-gebruik van water toe.
Er zijn ook bedrijven op Curaçao, vooral franchises, die niet een internationale certificering toepassen, maar hun eigen standaarden hanteren zoals die worden aangegeven door het moederbedrijf. Voorbeelden daarvan zijn Coca-Cola, McDonald’s en KFC.
Controle moet verscherpt
Volgens van den Brink verschilt per bedrijfscategorie de interesse voor duurzaam ondernemerschap. Zonder dat er dwang van boven (overheid) nodig is, is de hotelsector zelf erg geïnteresseerd. Bij de andere sectoren wordt er pas gereageerd wanneer de overheid zelf actiever wordt.
Die overheid is overigens wel geïnteresseerd in de materie, zegt van den Brink. ‘We hebben verschillende van de grote overheid-NV’s als klant, zoals Aqualectra en Selikor. Curaçao beschikt ook over voldoende milieuwetgeving voor verantwoord ondernemerschap.
Er wordt al jaren gesproken over uitbreiding van deze wetgeving, maar wat bestaat, dekt in ieder geval wel het hoognodige. Het probleem is echter dat de uitvoeringsmogelijkheden (vergunningen) en de controlemogelijkheden miniem zijn.’
Onderbemande controlepost
Het gebrek aan controle wordt bevestigd door Tico Ras, waarnemend hoofd van de Milieudienst op Curaçao. ‘Er is voldoende capaciteit om de eenvoudige activiteiten, zoals de Horeca, te kunnen controleren. Voor complexere activiteiten, zoals een Dokmaatschappij, of grote installaties zoals
de Isla en BOO-centrale is er onvoldoende controlecapaciteit.’
‘We geloven wel dat er steeds meer duurzaam ondernemerschap komt op ons eiland’, zegt Ras. ‘Initiatieven zoals de vervanging van plastic supermarkttasjes van gedeputeerde Davelaar zullen hun weerslag hebben op het ontwikkelen van beter verpakkingsmateriaal dat afbreekbaar is. Dan kunnen we eindelijk de slag tegen de bekende foambakjes aangaan of misschien wel gaan werken aan minimaal het heffen van accijnzen op
het gebruik van deze milieuverpesters.’
De milieudienst geeft ook adviezen aan ondernemers. ‘Het Renaissance hotel had te maken met het probleem van olie in de grond van het Rifterrein. Ze vroegen zich af of ze dat konden laten wegzuigen. We hebben geadviseerd om dit gedeeltelijk te doen, en het verder door middel van klei te isoleren van de omgeving. De mangrove-vegetatie in de buurt is zeer gevoelig voor dit soort verontreiniging. Ze hebben de resterende olie kunnen inkapselen en afsluiten voor de omgeving zodat het zich niet verder kan verspreiden’, aldus Ras. Een ander voorbeeld is het Reversed Osmosis project te Fuik. Dit gebied heeft een onder-waterpark als bestemming. Het is nog niet geformaliseerd, maar het Reversed Osmosis park voldoet in ieder geval aan alle eisen die het onderwaterpark straks mogelijk maken.’
Gaten in de wetgeving
Tico Ras zucht bij de vraag of hij van mening is dat er op Curaçao voldoende wetgeving is op het gebied van duurzaam ondernemerschap. ‘Dat is maar hoe je het bekijkt. Er worden soms fouten gemaakt bij de verstrekking van vergunningen voor vestiging van bedrijven. Dat komt ook doordat, als je geen drastische wijzigingen aanbrengt aan een pand dat eerder gewoon een woonhuis was, je ook geen bestemmingswijziging hebt. De bestemming wordt daardoor niet onderzocht en dan krijg je dat er bijvoorbeeld twee botika’s op nog geen honderd meter van elkaar aan dezelfde kant van de weg gevestigd zijn, zoals aan de Caracasbaaiweg het geval is.’
Ras stoort zich vooral aan de groep kleine ondernemers die eigenaar zijn van de op ons eiland zo bekende snèks. ‘Die zijn niet genoeg controleerbaar. Ze produceren vuil, zwerfvuil, geluidsoverlast, verkeersoverlast en hebben vaak illegaal personeel in dienst. Die combinatie is funest voor het leefklimaat en dus voor het milieu in onze buurten.’
Golfbaan met brak water
Er zijn nieuwe ondernemingen op het eiland die nadenken over duurzaam ondernemen, vooral omdat het grote besparingen oplevert in de bedrijfsvoering. Een voorbeeld daarvan is het golfbaanproject op Santa Barbara. De aanleg van de immense golfbanen is nu
in de fase waarin het gras wordt aangeplant. Om te besparen op kostbare en milieu onvriendelijke besproeiing van de grasbanen,
is daarbij gekozen voor een type gras dat gedijt op brak water. Omdat de banen langs de zee liggen lijkt dit een schoolvoorbeeld van duurzaam ondernemerschap. ‘Maar’, waarschuwt Ras, ’dat is het alleen als de bestemming eeuwig gebruikt wordt als golfbaan met dat type gras. De bodem wordt door de bevloeiing met brakwater verzilt en daardoor wordt het gebruik ervan in de toekomst beperkter.’
Volgens Tico Ras heeft duurzaam ondernemen alles te maken met good housekeeping, oftewel hoe je als onderneming, zonder dat
de overheid er constant bovenop zit, toch schoon, prettig en efficiënt onderneemt.
‘De bakker weet zelf het beste hoe hij zijn oven brandt, zonder dat die rook ontwikkelt.’
Afval is voedsel
Vergeleken met ontwikkelingen in het buitenland staat Curaçao slechts aan het begin van het toepassen van duurzaam ondernemen. De Duitse biochemicus Michael Braungart en de Amerikaanse architect/ontwerper William McDonough hebben internationaal een ware revolutie ontketend met hun ideeën, waarbij ze veel verder gaan dan duurzaam ondernemerschap. Zij hebben het over economische duurzaamheid: produceren waarbij je zorgt dat alles in de natuur terug moet kunnen in de natuur, de mensen die voor je werken gelukkig en veilig zijn in hun werkomgeving, terwijl je ook nog bespaart in je ondernemerskosten. Zij houden zich samen bezig met het ontwikkelen van intelligente productsystemen, met als uitgangspunt dat afval voedsel is, en dat het materiaal van een product volledig herbruikbaar moet zijn in een andere vorm. Ze noemen dit principe ‘from cradle to cradle’. McDonough zegt daarover: ‘Waarom zou je iets willen produceren dat je later niet meer kunt gebruiken? Afval is gewoon stom’.
In de praktijk hebben ze hun denkwijze onder meer toegepast bij de immense Ford Rouge fabriek vlakbij Lake Michigan, die al 80 jaar auto’s produceert. Het bedrijfsterrein was totaal vervuild en dreigde gesloten te moeten worden. McDonough kreeg de opdracht om in twintig jaar tijd voor een totale opschoning te zorgen van de fabriek en het terrein.
Eén van de nu al toegepaste oplossingen: het totale dak van het nieuwe fabrieksgebouw is beplant, zodat regenwater dat normaal eerst apart gezuiverd moest worden nadat het vanaf het dak werd opgevangen, nu door de natuur zelf wordt gezuiverd en weer in de rivier terechtkomt. Het terrein zelf is nu een park waarin vogels, vlinders en bijen af en aan vliegen en waar kinderen veilig zouden kunnen spelen.
De directie van Ford vindt dat leuk meegenomen voor het milieu, maar is vooral onder de indruk van de 35 miljoen gulden die door deze aanpak bespaard is. Ze zijn zelfs zodanig onder de indruk dat ze momenteel een auto ontwikkelen via de principes van Braungart en McDonough.
Een andere toepassing van deze principes is een verpakking voor ijs van de Nederlandse multinational Unilever. De verpakking smelt buiten de koelkast waardoor de zaden van zeldzame planten die in de verpakking verwerkt zitten, vrijkomen en de kans krijgen om te ontspruiten. Of de nieuwe fabriekshal van een grote meubelfabriek, die door de perfecte werkatmosfeer een verdubbelde werkinzet van het personeel heeft teweeggebracht. En de stoffenfabrikant die op aanraden van Braungart en McDonough op zoek ging naar een verfleverancier die kon helpen om volledig chemicaliënvrije kleurstoffen te maken. Het afval van deze industrie is nu volledig afbreekbaar en wordt door de boeren in de omgeving van de fabriek gebruikt om in de winter hun aardbei-aanplant te beschermen tegen het weer. Het ‘afval’ is tegelijkertijd bescherming en voedsel voor de gewassen. Alle ondernemingen hebben economisch rendement uit de toepassingen gehaald. De ondernemingen moesten van Braungart en McDonnough wel ‘all the way’ gaan in de verandering van hun productsystemen, want ze geloven niet in een beetje besparing van het milieu. Braungart: ’Wat je doet, moet niet alleen voor het nu en voor een bepaald deel van de leefwereld goed zijn, maar voor alle nakomelingen van alle soorten levende wezens die hierna nog komen.’
Bron: Documentaire ‘Afval is voedsel’ van Rob van Hattum en Gijs Meyer Swantee voor het Nederlandse televisie programma ‘Tegenlicht’.
EcoVision vormt samen met Aqualectra, Selikor, ADC, MCB en Arbo Consultant AMCC, de vereniging Bedrijven Platform Milieu. De doelstelling is het promoten van milieumanagement binnen bedrijve
EcoVision is een adviesbureau in milieuzaken, dat ruim 10 jaar geleden werd opgericht op Curaçao en in de regio. Het bedrijf brengt adviezen uit aan overheden en overheid-NV’s, aan NGO’s en aan het bedrijfsleven. Het gaat daarbij meestal over vergunningen en milieu effect rapportages, milieu management en ook natuur management en energie- en waterbeheer. EcoVision weet dus alles over duurzaam ondernemen. Duurzaam ondernemen, ook wel maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) is het zoeken naar evenwicht tussen financieel-economische resultaten, sociale belangen en het milieu. Duurzaam ondernemen is afgeleid van het begrip duurzame ontwikkeling, waarbij niet alleen rekening wordt gehouden met het hier en nu, maar ook met toekomstige generaties. Het gaat om ondernemen met aandacht voor de 3 P’s (People, Planet & Profit). EcoVision beperkt zich tot de milieuaspecten van duurzaam ondernemen. EcoVision is te bereiken op tel. 7369533
De Milieudienst is verantwoordelijk voor het beschermen, bewaken en verbeteren van het milieu op Curaçao. De taken van de milieudienst zijn:
• Bewaking van de kwaliteit van het leefmilieu
• Het verrichten van studie-, plan- en projectwerk op het gebied van het milieubeheer en het uitvoeren van controle en toezicht daarop
• Het verzorgen van educatie en voorlichtingsprogramma’s op het gebied van leefmilieu
• Het uitvoeren van speciale opdrachten binnen de competentie van de dienst op verzoek van de landsregering, andere Eilandgebieden en het particuliere bedrijfslevenn en duurzaam ondernemerschap. De vereniging geeft lezingen en workshops aan bedrijven.
> Tekst Corinne Leysner