





Wim de Vrijer wordt uiterlijk gekenmerkt door zijn immer fraai gekrulde snor, en innerlijk door een niet aflatende gedrevenheid, waarbij hij zich geen moment laat hinderen door zijn inmiddels respectabele leeftijd. Die gedrevenheid richt zich onder meer op Good Governance, omdat het volgens De Vrijer de essentie raakt van de mens en de gemeenschap waarin we leven. Een gesprek met een fascinerende man die zijn geestelijke rijkdom en ervaring als bestuurder graag deelt.
Decennialang draaide Wim de Vrijer mee in de top van (multi)nationale organisaties en was (en is) intens betrokken bij de Partij van de Arbeid, onder meer via de Wiardi Beckmann Stichting, het wetenschappelijk bureau van de PvdA. Sinds vele jaren is hij op Curaçao een markante persoon-lijkheid, die een ieder weet te vinden en te bereiken met zijn gedachtegoed en initiatieven. Ook nu steekt hij rap van wal over governance, want het onderwerp ligt hem na aan het hart. ‘Het is namelijk geen economisch of juridisch aspect, maar het vormt de basis van het leven van mensen.’ De Vrijer heeft direct de toon gezet voor de richting die hij uit wil gaan: een filosofische benadering. ‘Ieder mens’, zo zegt hij, ‘wordt gekenmerkt door de wil tot leven en de wil tot zorgen.’ De wil tot leven beschrijft hij met een I, van ‘ik’, die staat voor de individualistische benadering. En aan de andere kant de wil tot zorgen, die hij beschrijft met een W, van ‘wij’, die staat voor de gemeenschaps-benadering. ‘De balans tussen het ‘ik’ en het ‘wij’ is bij ieder mens verschillend’ zegt hij, maar uiteindelijk moeten we met zijn allen beseffen dat er sprake is van een onderlinge afhankelijkheid, een inter-dependentie. ‘We moeten samenleven en in balans met onze aarde.’ De onderlinge afhankelijkheid bestaat van mens tot mens en vindt in een ideale situatie plaats op een vertrouwensbasis en met respect voor elkaar.
Welbegrepen eigenbelang
‘Het leven’, zo zegt Wim de Vrijer stellig, ‘gaat niet alleen over jezelf, maar het gaat ook om anderen. We moeten er enig begrip voor krijgen dat een ieder van ons toch ook een beetje goed moet doen.’ Hij zegt het met de rust en zekerheid die uitstraalt van een ervaringsdeskundige. Dat ‘goed doen’ gebeurt vanuit ‘welbegrepen eigenbelang’, een term die De Vrijer graag hanteert om een zekere balans in doelstellingen aan te geven. Hij licht het als volgt toe: ‘Natuurlijk is een ieder gedreven om zijn eigen doelstellingen te realiseren. Maar op het moment dat je ook beseft dat je dat niet alleen kunt, en dat een eigen doelstelling ook niet het enige kan zijn om na te streven omdat je onderdeel uitmaakt van een gemeenschap, ontstaat er een balans tussen het eigenbelang en het belang van de gemeenschap waarin je leeft.’ Die combinatie van inzichten noemt De Vrijer het ‘welbegrepen eigenbelang’.
Het ‘Grote Graaien’
Van welbegrepen eigenbelang is heden ten dage in veel gevallen echter geen sprake in het bedrijfsleven, waar winstmaximalisatie en aandeel-houdersbelang de boventoon voeren en er inmiddels zelfs een boek is gewijd aan het ’Grote Graaien’ in de top van het bedrijfsleven. Wim de Vrijer noemt het bijvoorbeeld misdadig wat Bill Gates met een bedrijf als Microsoft de afgelopen decennia heeft gedaan, door consumenten te verplichten iedere paar jaar een nieuw besturings-systeem voor de PC aan te schaffen, wat bovendien zonder uitzondering tot problemen leidde vanwege kinderziektes of ontbrekende drivers voor randapparatuur. ‘De balans tussen winst maken en een maatschappelijk doel nastreven is hier volledig zoek’, aldus De Vrijer. Het is overigens niks nieuws en niet per se van deze tijd, zegt hij. ‘Ik heb meegemaakt dat ik in een Raad van Commissarissen zat, waarin tijdens een en dezelfde vergadering gesproken werd over het afvloeien van 6000 mensen en verhoging van het dividend voor de aandeelhouders. Dat is natuurlijk een volstrekt onmogelijke zaak.’ Wim de Vrijer is optimistisch dat er ondertussen wel meer volgens het welbegrepen eigenbelang gewerkt zal worden, omdat hij nadrukkelijke ontwikkelingen in die richting signaleert. Het Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) wat zich breed manifesteert, noemt hij ‘een beweging richting de W, oftewel het ‘wij-besef’ dat we met zijn allen iets moeten doen aan het beheren van onze gemeenschap.’ Hij beseft dat zijn benadering idealistisch is, maar noemt de ontwikkeling richting het ‘wij’ niettemin onomkeerbaar. ‘Het is een logisch gevolg van hoe de natuurlijke situatie is. En alles begint op het individuele niveau, per mens of per organisatie. Als iedereen iets in de juiste richting doet, kom je al een stuk verder.’
Waarden als basis voor normen
Waar het fout gaat volgens De Vrijer, is als het individualisme de boventoon voert, en er geen waarden ten grondslag liggen aan een goede normering. Hij gruwelt van de Nederlandse premier Balkenende als die het consequent heeft over ‘normen en waarden’ in de verkeerde volgorde. ‘Er zijn waarden in een gemeenschap, en daar leid je bepaalde normen van af, en niet andersom.’ Daar gaat het ook fout met bijvoorbeeld de code Tabaksblatt zoals die in Nederland geldt, vindt De Vrijer. ‘Dat zijn hoofdzakelijk normeringen, maar er liggen geen waarden aan ten grondslag. En dan werkt het niet. Je geeft mensen dan alleen aan tot hoever men iets mag doen, zoals stelen via topsalarissen en winstopdrijving, maar je veroordeelt niet het stelen op zich.’ Dan worden situaties in de hand gewerkt zoals het ‘Grote Graaien’. ‘Dat gebeurt als een meneer de kans krijgt zich zo belangrijk te vinden dat hij recht heeft op meer inkomen en dat ook krijgt. Zo iemand behoort tot een groepje mensen in de gemeenschap en in dat groepje vinden anderen dat zij daar dan ook recht op hebben, want waarom krijgt hij meer dan ik? Met prestatie heeft het op dat moment niets meer te maken.’
Governance code voor Curaçao
De Vrijer is niet tegen codes op zich en het is een goede zaak als er een governance code komt voor Curaçao, ‘als het maar niet een uitsluitend normatieve discussie inhoudt. Het wordt waarschijnlijk net als elders gedaan door op zich goede mensen met de beste bedoelingen.’ Maar normering alleen is onvoldoende, als daar geen waarden aan ten grondslag liggen.
Hoewel hij geen tegenstander is van een code, ziet hij al voldoende mogelijkheden binnen de huidige wetgeving, met name in het burgerlijk wetboek deel 2. ‘We moeten het alleen toepassen.’ Daarmee kun je politici die hun macht misbruiken of oneigenlijk toepassen ook aanpakken, denkt De Vrijer.
Think Tank
Hij probeert een ‘Think Tank’, een denktank, van de grond te krijgen om good governance te bevorderen als bescherming van de gemeenschap tegen degenen die de macht hebben. ‘Met zo’n ‘Think Tank’ kun je werkgroepen inrichten om mensen ervan bewust te maken wat er op bepaalde gebieden gebeurt. Ik denk dat er voldoende jonge mensen zijn met een goede opleiding die we in beweging kunnen krijgen.’ In reactie op mijn vragende blik zegt hij te beseffen dat wat hij naar voren brengt overkomt als anti-cyclisch, omdat de ontwikkeling in de maatschappij juist in de richting lijkt te gaan van meer wijdverbreid machtsgebruik en ook machtsmisbruik. ’Ik kan niet met zekerheid zeggen dat het ook allemaal zo zal gaan, maar we kunnen er wel meer aan doen dan we nu doen.’
Lemmingen-gedrag
Wim de Vrijer heeft de leeftijd waarop hij bepaalde cycli in de gemeenschap heeft meegemaakt. ‘Er is iets wat zich van tijd tot tijd voordoet en dat is lemmingen-gedrag’, aldus De Vrijer. Groepen lemmingen storten zich in Scandinavië van tijd tot tijd massaal van een berghelling af, en dat soort gedrag zie je ook opduiken in de menselijke gemeenschap. Je weet dat iets niet goed is, of niet goed kan blijven gaan, maar je doet het toch.’ Hij verwijst onder meer naar de kredietcrisis in Amerika en de overspannen hypotheek-verstrekking in Nederland, waarbij hypotheken ver boven de gebruikelijke normen werden toe-gekend. ‘Je weet dat het niet goed kan gaan, maar je doet het toch. Dat is lemmingengedrag.’ Waar de codes als reflectie van waarden en normen toe moeten leiden is in feite heel simpel, zegt Wim de Vrijer. ‘Het gaat om gewone mensen die weten dat als je met elkaar samenleeft, je bepaalde dingen niet doet.’
Artikel over spiritueel kapitalisme
Ode magazine besteedde in de juni 2008 editie veel aandacht aan Adam Smith, een econoom waar Wim de Vrijer geregeld naar verwijst. Het artikel in Ode geeft uitleg over de ontwikkelingen rond het ‘spirituele kapitalisme’ en behandelt dezelfde samenhang tussen gemeenschap en zakendoen als Wim de Vrijer in het bijgaande interview beschrijft.
Zie: http://nl.odemagazine.com/doc/0107/Het-evangelie-volgens-Adam-Smith/
Tekst > Stella van Rijn