





Hans Pleij, manager bij Animal Encounters Dive Center - Wat voor type manager bent u?
‘Een coachende manager. Ik probeer mensen naar een hoger plan te brengen, zodat ze zichzelf ontwikkelen. Ik geef ze veel eigen verantwoordelijkheid. In het begin vinden ze dat eng, maar langzamerhand durven ze steeds meer te beslissen. We maken veel gebruik van stagiaires. Op het moment dat ze hier aankomen, zie je gelijk wat voor vlees je in de kuip hebt. We krijgen studenten met een assertieve houding, maar ook met een afwachtende houding. Ik ben soms erg hard en zeg alles nogal direct. De Nederlanders vinden dat prima, maar de lokale mensen moeten er aan wennen.’
Bent u een effectieve manager?
‘Soms. Het vinden van balans is moeilijk. Zeker nu ik veel operationeel bezig ben, gaat het aansturen minder effectief denk ik. We missen op dit moment namelijk een duikinstructeur en daardoor ben ik zelf veel in het water. Ik steun nu meer op mijn baliemedewerkers. Het voordeel daarvan is dat zij erg groeien. Als ik in het water lig, moeten zij beslissingen nemen. Maar ze kennen me goed en weten precies hoe ik denk. Momenteel zijn we bezig met het opstellen van een bedrijfsplan. We zijn nog maar een jaar bezig, en gelukkig krijgen we veel feedback van gasten, waardoor we het plan steeds kunnen bijstellen. Dat maakt het werk dynamisch.’
Bent u manager in deze organisatie omdat u veel weet van het vakgebied, of omdat u goed kunt managen, onafhankelijk van het type organisatie?
‘Ik heb veel ervaring als manager, ook in behoorlijk grote organisaties in Nederland. Met mijn managementcapaciteiten zit het denk ik wel goed. In deze baan bij Animal Encounters is mijn hobby, duiken, mijn werk geworden. Dat is natuurlijk geweldig. In sommige opzichten is het voor mij toch ook totaal nieuw. Bij Animal Encounters duiken we met dieren zoals roggen, haaien, schildpadden. We begeleiden mensen met een fysieke handicap, zodat ook zij kunnen leren duiken. De uitdaging is om bij mensen angst weg te nemen. Maar ik zeg altijd: “als je kunt ademen, kun je duiken”.’
Hoe groot is uw invloed in de organisatie? En waaraan merk je dat?
‘Mijn invloed op het personeel, dat uit negen man bestaat, is redelijk zakelijk. Ik ben soms best hard, maar daardoor weten ze wat ze aan mij hebben. Ze kunnen zichzelf ontplooien, waardoor je ze ziet opbloeien. Wellicht niet iedereen, maar ik denk dat een groot deel me als voorbeeld ziet. Ze staan open voor verandering, terwijl ze behoorlijk vastgeroest waren, dat vind ik knap.’
Zijn er bepaalde waarden en normen die u als manager als richtlijn gebruikt?
‘Respect. Elkaar in je waarde laten. Ik hou van humor, en met grappen kun je veel bereiken, maar je moet wel weten hoe ver je kunt gaan. Op een grappige manier dingen zeggen, werkt vaak het best. We moeten respect voor elkaar hebben. Nederlanders zijn vaak erg direct, lokale mensen niet. Zij vatten het snel persoonlijk op. Dan kun je er maar beter omheen draaien, dan behaal je ook het eindresultaat. Alleen kan dat soms een stuk sneller. Ik ben hier geboren en getogen en spreek dus ook Papiaments. Dat is wel een voordeel, zeker als ik boos ben en ik het Papiaments kan schelden.’
Wat is uw grootste kwaliteit als manager?
‘Ik denk toch wel humor. Zo wordt het ijs snel gebroken. Ik ben ook erg duidelijk en heel laagdrempelig. Soms zelfs te laagdrempelig. Dan lijk ik wel een maatschappelijk werker. Helaas ben ik dan soms juist weer niet direct genoeg.’
Wat is uw grootste valkuil of frustratie?
‘Mijn perfectionisme. Ik wil dat de klant blij naar huis gaat, altijd. Omdat ik zo perfectionistisch ben, laat ik heel veel dingen niet los, dat is wel eens lastig.’
Maakt u nog wel eens fouten?
‘Natuurlijk, anders leer je niets meer. Daarom brand ik mijn medewerkers ook niet af wanneer ze een fout maken. We bekijken gezamenlijk hoe we het anders hadden kunnen doen. Alleen bij dodelijke fouten hebben ze een probleem. Het werkt namelijk erg nauwkeurig bij Animal Encounters, en de gevolgen van ons doen of laten kunnen heel heftig zijn. Dolfijnen eten in principe levende vis. De vis die ze gevoerd krijgen, voldoet aan de hoogste kwaliteitseis en wordt na vangst binnen drie minuten ingevroren. Haaien, schildpadden en roggen kijken niet zo nauw. Zij nemen genoegen met bijna alle vis, zelfs die al een dagje van de zon heeft genoten. Bij het voeren moet er altijd iemand bij zijn. Er kan toevallig een dood visje van de andere vissen tussen de netten doorglippen en bij de dolfijnen terecht komen. Dat kan ernstige gevolgen hebben.’
Moet een manager altijd bereikbaar zijn?
‘Voor deze branche niet persé 24 uur. Als ik niet binnen ben, ben ik altijd mobiel te bereiken. Ik heb eigenlijk altijd mijn telefoon aan en bij me. Hij ligt ’s nachts naast mijn bed. Ik zal altijd opnemen, omdat ik weet dat er dan echt iets aan de hand is.’
Bent u geliefd bij uw personeel?
‘Dat zou je aan het personeel moeten vragen. Ik word zeker niet als boeman gezien, dat weet ik wel. Ik sta midden in de organisatie; ik ben manager, maar ook een directe collega. Ik denk dat het wel goed zit.’
Wie is de beste manager van Curaçao?
‘Dat vind ik een moeilijke vraag. Als je heel goed en zakelijk bent, ben je meestal niet geliefd bij je mensen. En als je dat juist wel bent, ben je vaak geen goede manager. Er is hier nog veel hiërarchie. Ik bewonder veel dingen van mijn collega Dutch (Adriaan Schrier, red.). Hij heeft altijd een eigen visie en hij bereikt ook wat hij voor ogen heeft. Als hij niet was doorgegaan, was dit hele complex er nooit geweest. Ook Animal Encounters niet. Soms moet je wel eens heilige huisjes omver trappen, en dat gaat er niet altijd even vriendelijk aan toe.’
Heeft u ooit een blunder gemaakt?
‘Jazeker, en dat kwam door mijn eerlijkheid. Ik kan hem niet tot in detail uit de doeken doen, maar ik had ooit een idee om de efficiëntie van het bezoek te verbeteren. Vooral in het kader van de concurrentie. Dit werd totaal verkeerd uitgelegd. Er liep zelfs iemand boos weg, die zag het als persoonlijke aanval. Ik ben daardoor iets voorzichtiger geworden.’
Tekst > Mirjam Boers